Inhoudsopgave

Koop het (e-)handboek

Design & CMS by Deltacom

Flanders Knowledge Area

Handboek Internationalisering is een online publicatie van Flanders Knowledge Area. De informatie in het Handboek Internationalisering betreft internationalisering van het hoger onderwijs, en richt zich vooral tot de personeelsleden van de Vlaamse hogeronderwijsinstellingen.

6.5 Bestuurstaal in het hoger onderwijs

Artikel 90 luidt als volgt:
De bestuurstaal in de hogescholen en universiteiten is het Nederlands.

De decreetgever heeft noch in het decreet zelf, noch in andere besluitvorming en evenmin in de memorie van toelichting enige duiding gegeven wat de invulling van deze bepaling betreft.
Naar aanleiding van meerdere casussen in het hoger onderwijs is er een discussie ontstaan over wat nu juist moet begrepen worden onder het begrip bestuurstaal in de context van het hoger onderwijs.
Het is duidelijk dat het probleem niet de vraag is wie bevoegd is en welke regelgeving van toepassing is in het hoger onderwijs (zie hoger), maar wel het feit dat wat in het decreet bepaald staat als bestuurstaal veel te vaag is en vatbaar is voor verschillende interpretaties.
Er is geen duidelijke definiëring en ook geen gepast equivalente invulling van het begrip bestuurstaal voor handen die werkbaar is in het hoger onderwijs. Door dit gebrek aan duiding kan men daarom een ruime of eerder beperkte invulling geven aan het begrip.
Doorgaans wat andere decreten betreft die het taalgebruik regelen valt men - waar zich mogelijk interpretatieproblemen stellen - terug op de Lex generalis, met andere woorden op wat in de Taalwet Bestuurszaken van 1966 (SWT) aan invulling wordt gegeven aan het begrip bestuurshandelingen. In deze wet heeft bestuurstaal in principe betrekking op elke talige component. Bijgevolg dient in principe bijna elke vorm van communicatie tussen instelling en particulier in het Nederlands te gebeuren met mogelijkheid van vertaling.
De Vlaamse decreetgever is niet enkel bevoegd wat onderwijstaal betreft, maar ook wat bestuurstaal betreft om deze te regelen en derhalve ook - met respect vanzelfsprekend van de hoger aangehaalde grondwettelijke beginselen - om dit begrip een geëigende en zelf afwijkende invulling te geven te verantwoorden vanuit de specifieke context van het hoger onderwijs. Dit lijkt duidelijk ook door het Grondwettelijk Hof en door de Raad van State aanvaardbaar (zie hoger weergegeven rechtspraak). Ook het Grondwettelijk Hof stelt dat wat het academisch niveau (later ook uitgebreid naar wat het professioneel hoger onderwijs) betreft, in vergelijking met de andere onderwijsniveaus, er meer kan tot de aangelegenheid van onderwijs dan tot de aangelegenheid van onderwijstaal behoren, met de gevolgen van dien wat de toepassing van de decreten betreft.
De bevoegde minister van Onderwijs heeft tot nu toe een zeer beperkte invulling van bestuurstaal aangehouden. Bestuurstaal betreft enkel en uitsluitend de officiële besluiten en bestuurshandelingen van de instellingen.
Deze beperkte invulling stelt nu, zoals uit een aantal recente casussen blijkt, toch enkele problemen in het veld. Anders gezegd voor een aantal handelingen door het bestuur van een instelling gesteld naar het ruimer studentenpubliek toe wordt het taalgebruik in het kader van de beperkte invulling van het begrip bestuurstaal niet geregeld. Deze handelingen vallen niet onder wat in strikte zin volgens het Structuurdecreet onder bestuurstaal moet worden begrepen (enkel officiële communicatie), en anderzijds kan men ze ook niet plaatsen onder wat onder onderwijstaal wordt aanzien. Bijgevolg geldt inderdaad voor wat deze handelingen betreft het grondwettelijk beginsel van de vrijheid van taalgebruik door de particulier.
Het probleem is dat als gevolg hiervan heel wat handelingen niet stroken met de geest van de bestuurstaalwet en dit in tegenstelling staat tot wat normaliter gangbaar is in andere sectoren.
Een situatie waarbij op een campus van een Vlaamse instelling in Vlaanderen de mededelingen, hangborden en wegwijzers als ook op de website de communicatie volledig en exclusief in het Engels wordt gevoerd, doet vragen rijzen. Dit kan ook niet verantwoord worden vanuit de geëigende context van het hoger onderwijs.
Een ongenuanceerde toepassing van de invulling van de bestuurstaalwet over bestuurstaal is anderzijds ook niet houdbaar omdat op die wijze de instellingen in het hoger onderwijs verhinderd worden om hun academische taken in de meest aangewezen taal te verrichten in het kader van hun internationaliseringsbeleid.
Om een gedegen controle te kunnen uitvoeren en een zekere gelijkvormigheid te creëren zijn duidelijke verdergaande criteria zeker nodig. Deze werden tot op heden nog niet decretaal bepaald of verduidelijkt.

 

Criteria om te toetsen of kan afgeweken worden van wat gebruikelijk onder bestuurstaal wordt begrepen en derhalve in het Nederlands dient te gebeuren kunnen zijn:

  • Conformiteit met wat in andere officiële regelgeving is vastgelegd (bijvoorbeeld de in het Structuurdecreet vastgelegde benamingen van de instellingen, de benamingen van de opleidingen in het HOR).
  • Academisch en nog ruimer onderwijskundig verantwoorde anderstalige communicatie mede in het licht van een internationale uitwisseling van onderwijs en onderzoek (bijvoorbeeld de organisatie van een onderwijskundig seminarie dat zich richt naar een ruimer internationaal publiek; internationaal correspondentie over een bepaald vakgebied).
  • Sterke link met onderwijstaal van een bepaald opleidingsonderdeel of opleiding (inhoudelijke en praktische communicatie tussen docent en student tijdens en in de context van de hoorcolleges).
  • Officiële documenten en handelingen van het bestuursorgaan van de instelling moeten in het Nederlands.
  • Normerende documenten moeten in het Nederlands zoals onderwijs- en examenreglementen (bijvoorbeeld deliberatieregels, afrondingsregels…). Dergelijke voorschriften zijn geen onderdeel van de onderwijstaal maar vormen een aspect van de bestuurstaal die het Nederlands voorschrijft op welke wijze ze ook aan de student worden bekend gemaakt en ook al betreft het een anderstalige opleiding.
  • Vertalingen en dubbele vermeldingen in verschillende talen kunnen steeds.

Deze criteria betreffen enkel suggesties aangegeven als mogelijke leidraad bij de zoektocht naar goede interpretatie en gepaste invulling van het begrip bestuurstaal in de context van het hoger onderwijs.


Bovenstaande informatie werd verkregen o.a. via

  • Taalwet bestuurszaken: de wet van 28 juni 1932 en de wet van 2 augustus 1963 werden bij het Koninklijke besluit van 18 juli 1966 gecoördineerd B.S. 2 augustus 1966
  • Besluit R. Stvb. Nr.2010-071


Lees verder: 6.6   Doelstellingen en resultaten van het taalbeleid inzake de onderwijstaal
 
Flanders Knowledge Area

Flanders Knowledge Area

www.flandersknowledgearea.be

Study in Flanders

Study in Flanders

www.studyinflanders.be

Research in Flanders

Research in Flanders

www.researchinflanders.be

Studeer in het Buitenland

Studeer in het Buitenland

www.studeerinhetbuitenland.be

Handboek Internationalisering

Handboek Internationalisering

www.handboek-internationalisering.be

Studies and Statistics

Studies and Statistics

www.flandersknowledgearea.be / nl / projecten / studies-and-statistics

Forum

Forum

www.flandersknowledgearea.be / nl / fora

Blog

Blog

www.flandersknowledgearea.be / nl / blog

Reconfirm

Reconfirm

www.reconfirm.be

Klik hier om de andere projecten van Flanders Knowledge Area te raadplegen