Inhoudsopgave

Koop het (e-)handboek

Design & CMS by Deltacom

Flanders Knowledge Area

Handboek Internationalisering is een online publicatie van Flanders Knowledge Area. De informatie in het Handboek Internationalisering betreft internationalisering van het hoger onderwijs, en richt zich vooral tot de personeelsleden van de Vlaamse hogeronderwijsinstellingen.

6.7.4 De bevoegdheid van de Erkenningscommissie inzake taalgebruik

De instellingen kunnen verzoeken tot taalwijziging van een opleiding, op grond van de specifieke procedure voorzien in artikel 64, §4 van het Structuurdecreet (zie bijlage 3), indienen bij de Erkenningscommissie.

bijlage:

  • taalregeling_bijlage 3_decretale bepalingen (download onderaan deze pagina)

De betreffende bepaling die wat ongelukkig in het decreet is opgenomen in paragraaf 4 van het artikel dat handelt over de registratie in het HOR, behandelt ruimer de bevoegdheid van de Erkenningscommissie om een oordeel te vellen over voorgestelde wijzigingen in de benaming, de onderwijstaal en in de aard (statuut) van een bepaalde opleiding.

Het decreet stelt volgende criteria voorop:

  1. De wijzigingen zijn niet zo substantieel dat er sprake is van een nieuwe opleiding.
  2. De samenhang (transparantie) van de benamingen blijft bewaard.
  3. De taalvereisten van de opleiding, bepaald in artikel 91, worden nageleefd.

Ingeval van een negatief oordeel of als het oordeel niet tijdig is gegeven, kan een tweede aanvraag worden ingediend bij de Vlaamse Regering. Het betreft derhalve geen beroepsmogelijkheid tegen het oordeel van de Erkenningscommissie op basis van hetzelfde dossier, maar een nieuwe aanvraag wat impliceert dat ook andere en nieuwe gegevens kunnen ingebracht worden.

De Erkenningscommissie beoordeelt bij de aanvragen voor een taalvariant of aan de voorwaarde van equivalentie wordt voldaan. De commissie heeft in 2009 slechts 4 dergelijke aanvragen gekregen, om een anderstalige masteropleiding aan te bieden naast de Nederlandstalige opleiding en deze ook positief beoordeeld. Het ging telkens om de organisatie van een Engelstalig equivalent. De Erkenningscommissie ontving in het betreffende academiejaar geen aanvragen voor bacheloropleidingen.

De volgende vrij algemene motiveringen werden door de instellingen aangehaald voor het inrichten van een Engelstalig equivalent:

  • de ambitie om buitenlandse studenten aan te trekken;
  • de buitenlandse studenten beheersen beter het Engels dan het Nederlands;
  • de doorstroom naar Engelstalige master-na-masteropleidingen bevorderen;
  • uitwisselingsakkoorden met Europese en niet-Europese instellingen;
  • het hoofd bieden aan concurrentie van andere recent opgerichte Engelstalige masteropleidingen in Europa;
  • in het belang van de internationalisering;
  • streven naar internationale uitstraling;
  • voor Vlaamse studenten een internationale ervaring mogelijk te maken.

De Erkenningscommissie gaat na of er een - binnen de decretaal gestelde voorwaarden - equivalente opleiding wordt aangeboden, en of er een overeenkomst is - ingeval niet in dezelfde provincie - met een andere instelling uit de provincie. Zij gaat verder ook de wenselijkheid en de macrodoelmatigheid van het anderstalig aanbod na.
Criteria om te oordelen of een bepaalde in een andere taal aangeboden opleiding wel degelijk een equivalent betreft en geen verdoken nieuwe opleiding, zijn niet decretaal bepaald. Wanneer is een opleiding equivalent? Dit betekent niet noodzakelijk identiek?

 

Het Qualification framework for Higher Education (Bergen 2005) voor het hoger onderwijs schrijft een op learning outcomes gebaseerd curriculum voor.
Het is in deze context logisch dat een vergelijking zich zou situeren op het niveau van de zogenaamde learning outcomes. Dit wil zeggen dat er wel degelijk verschillen kunnen zijn in het concrete aanbod van het studieprogramma. Het is ook logisch dat mogelijk andere handboeken worden gehanteerd en eventueel andere docenten deel uitmaken van het korps. De vooropgestelde leerresultaten moeten wel hetzelfde zijn. De vraag stelt zich ook of deze overeenstemming noodzakelijk is tot op het niveau van de opleidingsonderdelen of tot de opleiding als geheel.

Uit de motivering bij de oordelen van de individuele dossiers blijkt niet duidelijk hoe de Erkenningscommissie het al dan niet equivalent / identiek karakter van de anderstalige opleiding nagaat.
De volgende overwegingen worden bij de beoordeling in oogschouw genomen: het potentieel vb. personeel om de anderstalige opleiding kwalitatief aan te bieden, en de meerwaarde vanuit internationaliseringsoogpunt van het aanbieden van een taalvariant.

Wat het luik betreft van de wijzigingen inzake benamingen van de opleiding, waakt de Erkenningscommissie erover dat de samenhang (transparantie) bewaard blijft. Zo acht zij het belangrijk dat de formele verwantschap tussen de Nederlandstalige en de verwante Engelstalige opleiding ook in de gehanteerde benaming tot uiting dient te komen.
Zij gaat niet enkel na of de voorgestelde benaming in de context van het gehele onderwijsveld een verantwoorde keuze is, maar stelt zich tevens de vraag of de benaming inhoudelijk verantwoord is, m.a.w. of de vlag de lading dekt.
In dit verband dient gemeld dat op niveau van de Vlaamse Hogescholenraad een lijst werd opgesteld met een voorstel van Engelstalige benamingen die als leidraad kunnen dienen ingeval een instelling een aanvraag indient en tevens bij de besluitvorming van de Erkenningscommissie. Het betreft echter geen bindend document. Instellingen hebben wel een gentlemen’s agreement hieromtrent afgesloten.

De Erkenningscommissie geeft algemeen in haar jaarverslagen inzake het beleid dat ze voert in het kader van artikel 64 volgende aandachtspunten mee:

  • het gevaar van mogelijke verwarring bij de veelheid van benamingen, dit zowel naar de potentiële studenten als naar de betrokkenen in het beroepenveld toe;
  • de verdubbeling van opleidingen door het aanbieden van een equivalent bemoeilijkt vaak het transparant zicht op het geheel en is vaak (zowel in het Engels als het Nederlands) overbodig;
  • hoewel de vraag zich stelt naar de noodzaak van taalvarianten, laat de huidige taalregeling niet toe om op dit punt in te grijpen.

Bovenstaande informatie werd verkregen o.a. via


pdf taalregeling-bijlage-3-decretale-bepalingen-1.pdf (08/10/2010, 51 kB)


Lees verder: 6.7.5   De problematiek van de bi-diplomering en gezamenlijke diplomering
 
Flanders Knowledge Area

Flanders Knowledge Area

www.flandersknowledgearea.be

Study in Flanders

Study in Flanders

www.studyinflanders.be

Research in Flanders

Research in Flanders

www.researchinflanders.be

Studeer in het Buitenland

Studeer in het Buitenland

www.studeerinhetbuitenland.be

Handboek Internationalisering

Handboek Internationalisering

www.handboek-internationalisering.be

Studies and Statistics

Studies and Statistics

www.flandersknowledgearea.be / nl / projecten / studies-and-statistics

Forum

Forum

www.flandersknowledgearea.be / nl / fora

Blog

Blog

www.flandersknowledgearea.be / nl / blog

Reconfirm

Reconfirm

www.reconfirm.be

Klik hier om de andere projecten van Flanders Knowledge Area te raadplegen