Flamenco staat voor: Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education. De missie van Flamenco bestaat erin bij te dragen tot de internationalisering van het Vlaams hoger onderwijs en zijn kwaliteit internationaal zichtbaar te maken.
is een project van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). Study in Flanders verstrekt informatie over het hoger onderwijs in Vlaanderen, België.
is een elektronische online publicatie van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). De informatie in het handboek betreft internationalisering van het hoger onderwijs, en richt zich vooral tot de personeelsleden van de Vlaamse hogeronderwijsinstellingen.
is een informatiekanaal voor Vlaamse studenten die in het buitenland gaan studeren. De informatie is beschikbaar op een website als online elektronisch handboek.
is een portaal waar Vlaamse studenen hun buitenlandse studie-ervaringen kunnen delen. Student in het Buitenland is een onderdeel van het project Studeer in het Buitenland.
is een projectcluster van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). In dit cluster worden de door Flamenco geformuleerde adviezen, studies en statistische analyses gebundeld. De documenten worden gepubliceerd op de website van Flamenco.
Tijdens de Flamenco-fora worden specifieke onderwerpen en actuele thema's betreffende de internationalisering van het Vlaams hoger onderwijs besproken en / of voorgesteld. Deze fora kunnen beperkt (brainstorm, discussie over voorliggende adviezen, ...) of breed (presentatie van adviezen, standpunten, nieuwe informatietools, ...) worden georganiseerd.
Nieuws over de projecten van Flamenco en Study in Flanders, de aankondiging van de publicatie van een nieuwe blogtekst, fotoreeks of nieuwsbericht volg je op Facebook.
1.1.2 De maatschappelijke voordelen van de internationalisering
Naast het economische nut zijn er aan een internationale gerichtheid, mobiliteit en samenwerking eveneens een aantal maatschappelijke voordelen verbonden, zowel voor de regio’s waarbinnen de kennisinstellingen zich bevinden als voor de instellingen zelf en het personeel en de studenten.
Wat de regio betreft is het interessant te refereren naar het werk van Richard Florida 1, die wijst op het toenemende belang van de creativiteit in de globaliserende maatschappij. Volgens de auteur genereert dit gegeven een positief effect voor regio’s (steden) die gekenmerkt zijn door een sterke vertegenwoordiging van ondermeer studenten, artiesten, professoren en ingenieurs, die hij bestempelt als de creatieve klasse. De kennisinstellingen die per definitie in het domein van de creativiteit werkzaam zijn - zij het via vernieuwend onderzoek, via verfrissende ideeën van studenten of via de creativité pur sang van de artistieke opleidingen - vervullen dus een wezenlijke rol in dit proces. Creativiteit als motor van de innovatie; instellingen als ondermeer het Massachusetts Institute of Technology (MIT), de Universiteit van Utrecht en de K.U.Leuven 2 hebben hierop sterk ingezet door in samenwerking met de betreffende stad een breder draagvlak te vormen voor de ontwikkeling van de welvaart en het welzijn in hun regio.
Het spreekt voor zich dat de instelling zelf en bij uitbreiding het personeel en de studenten profiteren van deze (regionale) samenwerking en bloei. Niet alleen omwille van de verhoogde tewerkstellingsmogelijkheden, maar ook omwille van de multiculturele context waarin men kan studeren, werken en leven. In een volgende paragraaf komen deze aspecten meer uitgebreid aan bod.
1. Florida, R., The Rise of the Creative Class: And How it’s transforming work, leisure, community and everyday life. New York: Perseus Book Group, 2002, pp. 434.
2. Buekers, M., et al., Creatieve klasse in het cultuurbeleid. Een ‘trioloog’ tussen de universiteit, de stad en de culturele ‘steekhouders’. Leuven, 2010, pp. 64.