Flamenco

Flamenco staat voor: Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education. De missie van Flamenco bestaat erin bij te dragen tot de internationalisering van het Vlaams hoger onderwijs en zijn kwaliteit internationaal zichtbaar te maken.

Bezoek de website

www.flamenco-vzw.be

Study in Flanders

is een project van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). Study in Flanders verstrekt informatie over het hoger onderwijs in Vlaanderen, België.

in het Engels

Bezoek de website

www.studyinflanders.be

Handboek Internationalisering

is een elektronische online publicatie van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). De informatie in het handboek betreft internationalisering van het hoger onderwijs, en richt zich vooral tot de personeelsleden van de Vlaamse hogeronderwijsinstellingen.

Studeer in het Buitenland

is een informatiekanaal voor Vlaamse studenten die in het buitenland gaan studeren. De informatie is beschikbaar op een website als online elektronisch handboek.

Bezoek de website

www.studeerinhetbuitenland.be

Student in het Buitenland

is een portaal waar Vlaamse studenen hun buitenlandse studie-ervaringen kunnen delen. Student in het Buitenland is een onderdeel van het project Studeer in het Buitenland.

Bezoek de website

www.studentinhetbuitenland.be

Studies and Statistics

is een projectcluster van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). In dit cluster worden de door Flamenco geformuleerde adviezen, studies en statistische analyses gebundeld. De documenten worden gepubliceerd op de website van Flamenco.

Flamenco-fora

Tijdens de Flamenco-fora worden specifieke onderwerpen en actuele thema's betreffende de internationalisering van het Vlaams hoger onderwijs besproken en / of voorgesteld. Deze fora kunnen beperkt (brainstorm, discussie over voorliggende adviezen, ...) of breed (presentatie van adviezen, standpunten, nieuwe informatietools, ...) worden georganiseerd.

Flamenco weblog

Op de Flamenco blogpagina verschijnen regelmatig beschouwende en / of kritische artikelen over de internationalisering van het hoger onderwijs.

Bezoek de website

www.flamenco-vzw.be/nl/blog

Flamenco Facebook

Nieuws over de projecten van Flamenco en Study in Flanders, de aankondiging van de publicatie van een nieuwe blogtekst, fotoreeks of nieuwsbericht volg je op Facebook.

Flamenco Twitter

Blijf op de hoogte van de laatste nieuwtjes van Flamenco en Study in Flanders, en volg ons op Twitter.

study field: institution:
level: programme cluster:
keyword:

Inhoudsopgave Handboek Internationalisering

-

  • 1  Internationalisering in perspectief
  • 2  Theoretisch kader: Positionering
  • 3  Theoretisch kader: Het belang van het netwerk
  • 4  Theoretisch kader: Internationalisation at home
  • 5  Wettelijk kader: Decretaal kader
  • 6  Wettelijk kader: Taalregeling hoger onderwijs in de Vlaamse Gemeenschap
  • 7  Internationale competenties
  • 8  Interculturele competentie en internationale mobiliteit
  • 9  Management: Projectmanagement
  • 10  Management: Crisismanagement
  • 11  Werking: Screening en visa
  • 12  Werking: Integrale begeleiding
  • 13  International officer: Takenpakket en rol
  • 14  Draaiboeken
  • 15  Lexicon
  • 16  Downloads: Alle bijlagen uit het handboek

  • -

    Situering:

    6   Wettelijk kader: Taalregeling hoger onderwijs in de Vlaamse Gemeenschap

    6.7   Artikelsgewijs bespreking: artikel 91 van het Structuurdecreet, de onderwijstaal

    6.7.5   De problematiek van de bi-diplomering en gezamenlijke diplomering

     

    en de toepassing van de taalregeling

    Samenwerkingsvormen die leiden tot bi-diplomering en gezamenlijke diplomering komen meer en meer voor. De taalregeling van artikel 91 maakt samenwerking niet altijd eenvoudiger voor de instellingen wat het initieel aanbod betreft.

    In het geval van bi-diplomering ontvangt de student een diploma van de twee instellingen waaraan hij of zij een deel van de opleiding heeft gevolgd. Beide instellingen bieden dus de volledige opleiding aan maar de student heeft wel de keuze om een deel van de opleiding te volgen aan een andere instelling. In het geval van gezamenlijke diplomering reiken de twee instellingen samen één (ondeelbaar) diploma uit nadat de student de gezamenlijke opleiding met succes heeft afgerond. In dit geval is er maar één opleiding meer met inbreng vanuit de betrokken instellingen. Het betreft een geïntegreerde opleiding.

    Op dit ogenblik geldt het principe dat credits steeds verworven worden binnen de nationale context. De opleidingsonderdelen die studenten aan een instelling buiten Vlaanderen volgen, vallen derhalve buiten de Vlaamse regelgeving.
    Hetzelfde geldt voor de taalregeling in ons decreet welke dus in principe niet slaat op het gedeelte van de opleiding die de student in het buitenland of in de andere Gemeenschap volgt.
    De huidige taalregeling is wel onverminderd van toepassing op de opleidingsonderdelen die in het kader van een gezamenlijke organisatie en diplomering aan een Vlaamse instelling worden gevolgd en aangeboden. Het decreet laat (met uitzondering van enkele internationaal erkende opleidingen zoals Erasmus Mundus) geen enkele uitzondering toe.
    Dit wil zeggen dat wat het initiële opleidingsaanbod betreft er toch wel vrij strenge taalregeling van toepassing is op de gezamenlijke opleidingen.

    Ingeval slechts een gedeelte van de opleiding in een andere taal wordt aangeboden is artikel 91 §1 van toepassing.
    Dit is doorgaans het geval bij bi-diplomering - maar kan uitzonderlijk ook ingeval van een gezamenlijke diplomering (bijvoorbeeld met een Nederlandse instelling) voorkomen - .
    Ingeval van bi-diplomering bestaat tenminste een derde van het studieprogramma uit anderstalige opleidingsonderdelen welke de student volgt in het buitenland met toestemming van de instelling in het kader van het samenwerkingsverband. Voor dit gedeelte is vanzelfsprekend de regel van artikel 91, § 1 3° van toepassing en geldt de taalvrijheid ten aanzien van de student. Deze opleidingsonderdelen worden ook voor de bacheloropleidingen niet meegerekend bij de 10 %-grens zodat ook voor deze opleidingen heel wat mogelijkheden liggen in het kader van het internationaliseringsbeleid.

    Van zodra de gehele opleiding in het kader van een gezamenlijke diplomering of een bi-diplomering in een andere taal wordt aangeboden, valt dit onder de toepassing van artikel 91 § 2. Zo zal een Vlaamse instelling die gezamenlijk met een buitenlandse instelling een anderstalige opleiding diplomeert, in dat geval verplicht zijn om in een Nederlandstalige equivalent te voorzien zoals voorgeschreven in het betreffende artikel.
    Een gezamenlijke opleiding in het Engels (vb. met een Deense universiteit of met een universiteit uit de Franse gemeenschap), veronderstelt dus dat de Vlaamse universiteit een equivalentopleiding in het Nederlands dient aan te bieden.
    Wat de invulling van deze § 2 betreft in de context van een gezamenlijke opleiding is het decreet niet duidelijk.
    De verplichting kan slaan op een gedeelte van de opleiding wat in Vlaanderen wordt aangeboden, of op de gehele opleiding met inbegrip van het gedeelte dat door de buitenlandse instelling wordt aangeboden.
    De tweede piste waarbij voor de gehele opleiding een equivalent moet voorzien worden, ondergraaft in principe de filosofie van een gezamenlijk organiseren en diplomeren.
    Vaak kiest men voor een gezamenlijke opleiding omdat voor bepaalde onderdelen juist de wetenschappelijke expertise meer pertinent in de andere instelling aanwezig is, en dit derhalve een verrijking is voor de student.
    Voor de instelling is dit praktisch eigenlijk niet doenbaar omdat zij wat de organisatie van deze buitenlandse opleidingsonderdelen betreft de nodige expertise vaak niet in huis hebben om een equivalent daarvan in het Nederlands aan te bieden, wat tot een minderwaardige Nederlandstalige opleiding zou kunnen leiden.
    M.a.w., deze ruime verplichting opleggen aan instellingen is inconsequent met de achterliggende bedoeling van gezamenlijke opleidingen, en maakt dit aanbod voor de instellingen absoluut onaantrekkelijk.
    Het lijkt dan ook logisch dat de instelling in dat geval enkel voor wat betreft het eigen luik, een equivalent in het Nederlands voorziet. De bedoeling van de decreetgever is echter niet duidelijk op dit punt.

    Uit de praktijk blijkt dat het aanbod van de gezamenlijke opleidingen met een buitenlandse instelling zich voornamelijk situeert op het niveau van de postinitiële masteropleiding, waar het taalgebruik vrij is en deze verplichting niet geldt.



    Lees verder: 6.8   De taalvoorwaarden inzake toegang


    Share
    Design & CMS by Deltacom