Flamenco staat voor: Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education. De missie van Flamenco bestaat erin bij te dragen tot de internationalisering van het Vlaams hoger onderwijs en zijn kwaliteit internationaal zichtbaar te maken.
is een project van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). Study in Flanders verstrekt informatie over het hoger onderwijs in Vlaanderen, België.
is een elektronische online publicatie van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). De informatie in het handboek betreft internationalisering van het hoger onderwijs, en richt zich vooral tot de personeelsleden van de Vlaamse hogeronderwijsinstellingen.
is een informatiekanaal voor Vlaamse studenten die in het buitenland gaan studeren. De informatie is beschikbaar op een website als online elektronisch handboek.
is een portaal waar Vlaamse studenen hun buitenlandse studie-ervaringen kunnen delen. Student in het Buitenland is een onderdeel van het project Studeer in het Buitenland.
is een projectcluster van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). In dit cluster worden de door Flamenco geformuleerde adviezen, studies en statistische analyses gebundeld. De documenten worden gepubliceerd op de website van Flamenco.
Tijdens de Flamenco-fora worden specifieke onderwerpen en actuele thema's betreffende de internationalisering van het Vlaams hoger onderwijs besproken en / of voorgesteld. Deze fora kunnen beperkt (brainstorm, discussie over voorliggende adviezen, ...) of breed (presentatie van adviezen, standpunten, nieuwe informatietools, ...) worden georganiseerd.
Nieuws over de projecten van Flamenco en Study in Flanders, de aankondiging van de publicatie van een nieuwe blogtekst, fotoreeks of nieuwsbericht volg je op Facebook.
Michèle heeft haar idee intussen afgetoetst met collega’s in andere diensten die van ver of dichtbij bij internationale studenten of sociale dienstverlening betrokken zijn. Haar enthousiasme wordt door de reeks maar’en danig getemperd. Om nog te zwijgen van de lauwe ‘wie-zal-dat-betalen-reactie’ van het management. Op extra centen van de instelling kan ze alvast niet rekenen. Gelukkig heeft ze al voor hetere vuren gestaan: als ze in huis geen sponsors vindt, dan gaat ze wel elders aankloppen.
In een omgeving waar de middelen schaars zijn en de creativiteit groot, moet men dikwijls op zoek naar extra fondsen om goede ideeën om te kunnen zetten in innovatieve producten. Daarom houdt de International Officer de vinger aan de pols van wat borrelt in zijn organisatie én volgt hij tegelijkertijd de internationale ontwikkelingen en subsidiekanalen op de voet. De International Officer vormt de link tussen oproepen voor internationaliseringsprojecten en de opleidingen die hij bedient. Er zijn heel wat organisaties – lokale zowel als internationale – die middelen ter beschikking stellen van initiatiefnemers die hun steentje kunnen bijdragen tot de realisatie van hun visie, missie of langere termijndoelstellingen.
Voor de doorsnee international office in Vlaanderen zijn in eerste instantie de Europese subsidies een belangrijke aanvulling op de eigen middelen. Die subsidies zijn verzameld op de website van het Vlaams-Europees Verbindingsagentschap (VLEVA): http://www.vleva.eu/subsidiewijzer.
Andere interessante subsidiekanalen voor (internationale) projecten zijn:
van de beschikbaarheid van middelen voor individuen of organisaties die initiatieven nemen die bijdragen tot een min of meer specifieke doelstelling, en
van de voorwaarden waaraan zo'n initiatief moet beantwoorden om in aanmerking te komen voor financiering.
Een programma is het kader waarbinnen een oproep gelanceerd wordt:
een reeks projecten die bijdragen tot de realisatie van een algemene doelstelling op een hoger niveau, bv. sectoraal niveau of regioniveau.
Het programma bij uitstek van de International Officer in de instelling voor hoger onderwijs is het Lifelong Learning Programme (LLP) van de Commissie (waarbinnen het Erasmusprogramma een prominente rol speelt) en zijn opvolger Youth on the Move, waarbinnen het Erasmusprogramma een prominente rol speelt.
De manager van een project dat gecofinancierd wordt door anderen:
kan goed met cijfers overweg
heeft niet alleen kaas gegeten van begrotingen, financiële regelgeving en ingewikkelde financieringsschema's, maar
kan ook onderhandelen met partners en creatief denken.