Flamenco staat voor: Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education. De missie van Flamenco bestaat erin bij te dragen tot de internationalisering van het Vlaams hoger onderwijs en zijn kwaliteit internationaal zichtbaar te maken.
is een project van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). Study in Flanders verstrekt informatie over het hoger onderwijs in Vlaanderen, België.
is een elektronische online publicatie van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). De informatie in het handboek betreft internationalisering van het hoger onderwijs, en richt zich vooral tot de personeelsleden van de Vlaamse hogeronderwijsinstellingen.
is een informatiekanaal voor Vlaamse studenten die in het buitenland gaan studeren. De informatie is beschikbaar op een website als online elektronisch handboek.
is een portaal waar Vlaamse studenen hun buitenlandse studie-ervaringen kunnen delen. Student in het Buitenland is een onderdeel van het project Studeer in het Buitenland.
is een projectcluster van Flamenco (Flanders Agency for Mobility and Cooperation in Higher Education). In dit cluster worden de door Flamenco geformuleerde adviezen, studies en statistische analyses gebundeld. De documenten worden gepubliceerd op de website van Flamenco.
Tijdens de Flamenco-fora worden specifieke onderwerpen en actuele thema's betreffende de internationalisering van het Vlaams hoger onderwijs besproken en / of voorgesteld. Deze fora kunnen beperkt (brainstorm, discussie over voorliggende adviezen, ...) of breed (presentatie van adviezen, standpunten, nieuwe informatietools, ...) worden georganiseerd.
Nieuws over de projecten van Flamenco en Study in Flanders, de aankondiging van de publicatie van een nieuwe blogtekst, fotoreeks of nieuwsbericht volg je op Facebook.
Met het welbekende Erasmusprogramma werd internationalisering van het hoger onderwijs in 1987 veel zichtbaarder. Natuurlijk was het programma vooral aantrekkelijk voor pioniers en avonturiers (zowel voor docenten / professoren als studenten), maar sindsdien werd de agenda van de internationalisering van het hoger onderwijs mede bepaald door Erasmus.
Einde jaren '90 was er een proces van bewustwording. Men stelde immers vast dat er heel wat hinderpalen voor mobiliteit waren (obstacles for mobility – mobstacles). Dit verhinderde blijkbaar heel wat studenten om internationaal mobiel te zijn. Na heel wat inspanningen stelde men vast dat bijna geen enkele Europese universiteit meer dan 10 % van de studenten naar het buitenland zond. Dat betekende dat meer dan 90 % van de studenten nog steeds geen kans op internationalisering hadden.
Daarnaast was er ook de feedback van de mobiele studenten: het sterkste leereffect situeerde zich op de interculturele dimensie. Ze getuigden over de leerrijke culturele verschillen, het internationale netwerk dat ze opbouwden, en de persoonlijke ontwikkeling die ze daardoor doormaakten.
Met name Bengt Nilsson, eerst diensthoofd internationalisering aan de universiteit van Lund en nadien vice-rector internationalisering van de universiteit van Malmö, maakte zich zorgen over de 90 % thuisblijvers, maar zag ook wat mogelijkheden. Immers, the world is at your doorstep: net zoals in vele andere middelgrote en grote Europese steden, was de lokale jongerenpopulatie in Malmö zeer divers. In combinatie met het groeiende aantal inkomende studenten, groeide de overtuiging dat internationalisering niet noodzakelijk moest verbonden zijn met mobiliteit om dezelfde interculturele doelstellingen te realiseren bij studenten en personeel. Het concept internationalisation@home was geboren.
Waar tot halfweg de jaren ’00 de focus van internationalisering, en zeker bij alle I@H-initiatieven sterk lag op het initiëren van internationale extracurriculaire activiteiten, zien we dat er meer recent een groeiende aandacht is voor het verankeren van internationalisation at home and abroad-activiteiten in het curriculum. Kleine en grote onderzoeken bevestigen ook het rendement van dit soort activiteiten: de internationaliseringsdoelstellingen (persoonlijke en inhoudelijk verrijking door internationale en interculturele contacten) worden het sterkst geïnitieerd door het organiseren van gezamenlijke onderwijsleeractiviteiten. We stellen vast dat op deze manier ook de grens tussen at home en abroad vervaagt: veel projecten en initiatieven vertonen een sterke verwevenheid van on campus-activiteiten met korte en lange inkomende en uitgaande mobiliteit.